Rinus Sprong Dance While You Can
Enkele persoonlijke overpeinzingen over gebeurtenissen in de wereld. Een wereld die altijd weer blijft inspireren. Het is de enige manier om niet gek te worden en te blijven lachen.
Veel opkomende gedachten en hersenspinsels staan op mijn Facebook als filmpjes. Klik op de link onderaan de pagina.
15 januari 2012
Ik laveer al jaren door de wateren van de dans en doe verschillende continenten aan, vakopleidingen, companies, festivals, amateurscholen, kunstinstellingen, theaters etc. en het laatste jaar zijn daar het fenomeen televisie en meer commerciëlere producties bij gekomen. Wat merk ik voor verschil? Wat leer ik daar van?
Het valt mij op dat een commercieel productiehuis, de namen kan je zelf in vullen, op iedere productie een team zet dat verantwoordelijk is, en wat streeft naar het hoogst haalbare.
Dat uit zich bijvoorbeeld in kijkcijfers, of bezoekersaantallen. Zo'n team houdt al die cijfers, twitter, Facebook, website-hits etc. van dag tot dag bij (in t.v.-uitzendingen zelfs iedere vijf minuten!) en controleert dus stap voor stap zijn eigen handel en wandel.
De passie die de productie en redactie hebben gaat zo ver dat ik ze zelfs om 5 uur ’s ochtends een sms kan sturen en daar antwoord op krijg of in het weekend met vragen kan komen via mail of telefoon.
Ook al werk ik maar anderhalve minuut voor een grote theaterproductie, ik word ontvangen alsof ik de directeur zelf ben en is de bar voor mij open als ik na sluitingstijd nog een drankje wil (omdat ik echt dorst heb!).
Iedereen in het bedrijf heeft het hoofd, met alles wat er op en in zit, dezelfde kant op.
Mijn passie voor mijn vak wordt overgenomen ook door diegene die niets van dans of theater weet. Ze staan open voor mijn kennis van mijn vak zoals ik open sta voor hun kennis van iets wat ik niet ken. Men heeft bewondering voor de wijze waarop ik al dertig jaar aan het peddelen ben, soms tegen de stroom in.
Wat is dat ‘tegen de stroom in peddelen dan’ vandaag de dag?
Na een première willen we met de hele uitgeputte cast nog even een drankje doen om te proosten op het feit dat we het voor elkaar hebben en ons publiek uitzinnig was.
Boem, een kwartier nadat we bezweet van het toneel afgerend zijn en onze plakbaard op de make-uptafel hebben gelegd, “de bar is dicht!”
Over de scene die daarop volgde wil ik hier niet uitweiden, GTST kan er een week op teren, maar alleen met tussenkomst van een bedrijfsleidster was het uiteindelijk toch mogelijk. Maar ja het had wat tijd gekost en velen waren al afgedropen en hevig teleurgesteld op huis aan gegaan.
Waarom weet zo’n team niet wat er speelt, waar is de betrokkenheid van het personeel?
Met dezelfde productie zorgen we voor een grote animo voor een brunch, bij onze theaterbezoekers. Het restaurant wat die brunch verkoopt weigert onze catering, tegen een voor ons redelijke vergoeding, te verzorgen om dat daar niet genoeg aan verdient wordt. Blijkbaar gaat de economische crisis daar aan voorbij. Maar geldzaken is niet mijn verwondering, maar wel de betrokkenheid, die blijkbaar in een crisis zit!
De wil, de betrokkenheid. Vele vrijwilligers en dansers, die hun beste beentje voor zetten, tonen dat gelukkig wel en zijn blij met de catering die we vervolgens van buiten het huis laten aanslepen. Maar waarom gaat dat zo?
Ik vraag coproducenten mee te werken aan diverse dingen die vaak, vanwege productieschema, in de weekends plaatsvinden. Maar neen, ik het weekend wordt door velen niet gewerkt, al is het voor een theaterproductie die juist in niet-kantoortijden aan mensen verpozing brengen. Dus word er geen foto geschoten of filmpje gemaakt. Een scholierenproject met geweldige kinderen wordt zelfs niet gezien en lijkt een bijzaak geworden!
Bijzaak bestaat niet in mijn vak! Iedere solist, iedere lamp, iedere kleur van het kostuum is belangrijk….
Is het omdat de betrokkenheid moet worden verdeeld over weer een nieuw project, weer een ander prestige in de race om het aanzien? Of kan het zijn dat de focus niet dezelfde kant op hoeft? Of is de passie weg en het een baan geworden?
De wateren van de cultuur hebben diepe gronden en menig persoon zal de bovenstaande woorden niet in dank lezen, misschien dat een bepaalde politieke partij er wel blij mee is, ook daarin schuilt een gevaar.
Mijn woorden? Ze zijn niet bedoeld om te kwetsen maar om iets van te leren zoals ik dat heb mogen doen.
Voorlopig peddel ik door en ik hou wel van wat deining onder mijn kano….. Wie danst er trouwens mooier dan het water?......
Zondag 12 juni 2011
Het bezuinigingsplan van staatssecretaris Halbe Zijlstra lijkt op het eerste gezicht een duidelijk plan, in ferme taal geschreven en te blaken van bewustzijn over wat er nodig is in Cultureel Nederland. In het interview in de Volkskrant van 11 juni 2011, blaakt Halbe zelf ook van zelfvertrouwen. Een goedgekleed toffe man en een stukje schilderij (1/3e) prijken op de foto. En dat is precies hoe het zit, op het eerste oogopslag een gestudeerd man, niet te veel lachend maar net vriendelijk genoeg om vertrouwen uit te dragen en een stukje van een schilderij. Uit het artikel blijkt dat dat het euvel is, dat stukje van een kunstwerk, een stukje kennis is aanwezig bij de bewindsman, hoe typerend heeft Martijn Beekman dat in de foto weer gegeven.
'Er zit pijn in, dat klopt', is een opmerking van Halbe over zijn plan. Pijn?! Doet het pijn? Ik ben van mening dat het bezuinigen op zich niet zo heel erg veel pijn doet, want dat weten we en kennen we in de kunst. Altijd blij zijn met iedere cent die gegeven wordt of ieder ticket die verkocht wordt. Nee de ECHTE PIJN zit het in het feit dat er iemand aan het bewind is die zelf bekent dat hij eigenlijk helemaal geen verstand heeft van kunst en cultuur, 'Ik was gewoon net als veel andere Nederlanders iemand die af en toe naar het museum gaat, naar dansvoorstellingen en die een paar schilderijen heeft gekocht.' Zijlstra is een outsider in de kunstwereld, en hij vindt dat helemaal niet erg. 'Als je zo veel moet bezuinigen, is dat eerder een voordeel dan een nadeel. Je moet afstand kunnen houden. We willen een grote reorganisatie van de culturele sector, een cultuuromslag in de cultuur, en dat vereist dat je neutraal naar zaken kunt kijken.' Neutraal naar zaken kijken?! Alsof het om de tekeningen van de kinderen van een kleuterschool gaat!
Juist hierom is het om pijn te voelen en zelfs tijd om kwaad te worden of juist te lachen. Ik weet het niet meer, maar het getuigd van een verschrikkelijke neerbuigende houding naar alles waar cultuur voor staat! Als ze mij, Rinus Sprong, op het departement van Financieen zouden zetten, als bewindsman? Ach ik kan best rekenen en er zijn altijd hulpmiddelen om de cijfers goed te krijgen. Zullen we dat een keer uitproberen, heren politici? Wie weet levert het een andere kijk op de bankenwereld op? Is denk ik heel verfrissend voor de Nederlanders en zou ook best veel stemmen op leveren. Maar op dat idee zou niemand durven komen, ongepast en slecht voor het land, te groot risico, het aanzien van Nederland komt in het geding met een huppelkut aan het financieele roer! Nee dat zou Godsonmogelijk zijn!
De staatssecretaris Halbe kan beter Halve genoemd worden. Als je de bezuiniging in dansend Den Haag bijvoorbeeld bekijkt, worden taken gelegd bij het Nederlands Danstheater ten koste van al het andere in deze sector aanwezig in de stad. Het Nederlands Danstheater, sinds 51 jaar het lichtend voorbeeld van dansend Nederland. Dat bij dat lichtende voorbeeld al sedert 10 jaar wisselende directie, het licht aan het doven is, men de zaal niet meer vol krijgt en opnieuw een andere koers niet de wind in de zeilen krijgt, is door Halve Zijlstra niet in de berekening van de bezuiniging mee genomen. Jammer. Een groot internationaal succes als het Oerol Festival, moet weg, Orkater, een lichtend voorbeeld van hoe economisch en geldbewust je kan werken, moet weg. Is dat te rijmen met waar het beleid aanvankelijk voor stond?
Het werkelijk kijken naar talent en waar ontwikkelingen liggen, en dat afwegen tegen wat men met de bezuinigingsplannen wil bereiken, is iets wat nou eenmaal doordachte vakkennis eist. Hoe durft Nederland een staatssecretaris aan het roer te zetten die daar zit om een opstart te maken naar een post met een betere titel, minister. "Effe een beetje inwerken op cultuur" zal de achterliggende gedachte wel zijn, "Die kunstenaars zijn van nature toch al op hun achterhoofd gevallen!"
Juist ja, die achterliggende feiten, die achterliggende gedachte, dat geeft de werkelijke pijn!
Ooit waren er tijden waarin het hoofd van de regering samen met zijn edelen en diplomaten de kunst van de dans tot in hun tenen beheersten. Verlangen we terug naar die tijden? Nee dat heeft geen zin, dat komt nooit meer terug, maar dat respect voor kunst stimuleerde de geest van de mensheid tot hogere gedachten en hoop. Nu herinneren misschien de manchetknopen van Halbe Zijlstra nog aan die soort idealen, maar zijn interesse in cultuur, laat staan zijn dansen, leert ons dat we in andere tijden leven. Gelukkig waken de kunstenaars over de ziel van de mensen en is de kunst nog steeds het sperma van de cultuur.
Zonder dat, zijn we overgeleverd aan het Halbe leven, komen we niet verder en gaan we dood.
(Louis XIV, Le Roi Soleil, Le Roi de la Danse, bracht het verarmde Frankrijk tot een natie die toonaangevend in de wereld was en zijn invloed is tot in het heden te merken)
Copyright 2011 Rinus Sprong. All rights reserved.